Pluspunten
- Krachtige V8 met 413 pk en 570 Nm
- Achterwielaandrijving voor rijplezier
- Ruim interieur met goede ergonomie
- Sprint van 0-100 in 4,9 seconden
- Uniek en karaktervol alternatief
Holden Commodore Wagon · 2015 - 2017 · als getest: 6.2L V8 6AT RWD (413 HP)
Review van de Holden Commodore Wagon
De Holden Commodore Wagon is een uitstervend ras: een grote, achterwielaangedreven break met een Amerikaanse V8 onder de kap. Met 413 pk en 570 Nm sprint je in 4,9 seconden naar 100 km/u, maar dat betaal je met een verbruik van 14,7 l/100 km. De kofferruimte is met 496 liter niet eens bijzonder groot voor een break, en het gewicht van 1.813 kg voel je in de bochten. Toch is er een rauwe charme die moderne crossovers missen. Deze auto is voor de liefhebber die emotie boven ratio stelt en niet wakker ligt van de brandstofrekening. Een echte cultauto, maar alleen als je hem kunt onderhouden.
Vermogen en koppel: hele Holden Commodore Wagon-reeks. 0-100 en topsnelheid: als getest.
De Holden Commodore Wagon is een auto die je niet snel vergeet. Met een lengte van 4.920 mm en een hoogte van 1.473 mm is het een lange, lage verschijning die duidelijk anders is dan de gemiddelde Europese break. De proporties zijn klassiek: een lange motorkap, een strak dak en een achterkant die functioneel oogt zonder saai te worden. Dit is geen designstudie, maar een auto met een doel.
De brede 1.897 mm carrosserie en de V8-grille maken duidelijk dat dit geen doorsnee gezinswagen is. Het is een Australische auto die in Europa een exoot is, en dat zie je aan de details. De verchroomde accenten en de grote wielkasten geven hem een bijna Amerikaanse uitstraling, wat logisch is aangezien Holden historisch gezien veel met General Motors deelde. Toch heeft hij een eigen karakter.
Met een leeggewicht van 1.813 kg is de Commodore geen lichtgewicht, maar de achterwielaandrijving en de 570 Nm aan koppel zorgen voor een interessante dynamiek. Op basis van de cijfers verwacht ik dat de besturing direct is, maar niet zo communicatief als bij een Duitse concurrent. Het is een auto die je met de achteras moet sturen, niet met het stuurwiel. In de stad voelt hij groot en log aan, maar op de snelweg is hij stabiel en zelfverzekerd.
De 413 pk komen via de automatische transmissie met 6 versnellingen op de achterwielen terecht. De 0-100 km/u-tijd van 4,9 seconden is indrukwekkend voor een break van dit formaat. Het remmen moet met 1.813 kg aan gewicht wel stevig zijn, maar ik vermoed dat de remmen het prima aankunnen, gezien de prestaties die Holden opgegeven heeft. Het bochtgedrag zal eerder ondersturend zijn dan scherp, maar met een gerichte gasvoet kun je de achterkant laten meekomen.
De 6.2L V8 is het absolute hoogtepunt van deze auto. Met 413 pk en 570 Nm levert hij prestaties die beter zijn dan 82% van de vergelijkbare auto's uit die periode. De sprint naar 100 km/u duurt 4,9 seconden, wat sneller is dan 79% van de concurrentie. Het geluid van een grote Amerikaanse V8 is iets dat je niet kunt vangen in cijfers; het is een ervaring op zich. De topsnelheid van 249 km/u is respectabel, maar daar zul je in de praktijk zelden komen.
Interessant is het motorgamma. Naast de V8 zijn er V6'en, waaronder een op CNG rijdende versie met 245 pk. Die CNG-motor is een curiositeit die je in Europa vrijwel nooit ziet. De 3.0L V6 met 252 pk is het meest bescheiden, maar nog steeds krachtig genoeg voor dagelijks gebruik. De V8 is echter de enige die echt bij het karakter van deze grote break past. De handgeschakelde V8-versie is voor de purist; de automaat is waarschijnlijk de betere keuze voor dagelijks gebruik.
De stoelen in de Commodore zijn typisch Australisch: groot, breed en niet overdreven gesculpteerd. Voor lange ritten is dat prima, maar in bochten bieden ze minder zijdelingse steun dan je zou willen bij een auto met dit vermogen. De vering is afgestemd op comfort, wat gezien het gewicht en de doelgroep logisch is. Op basis van de specificaties verwacht ik dat hij oneffenheden goed absorbeert, maar niet zo verfijnd is als een Duitse premium break.
Geluidsisolatie is een punt van zorg. Een V8 klinkt fantastisch, maar op de snelweg wil je niet constant het gebrom horen. De Commodore is geen luxe sedan; het is een werkpaard met een sportief randje. Voor lange ritten met het hele gezin is hij waarschijnlijk comfortabel genoeg, maar je zult meer wind- en bandengeruis horen dan in een BMW of Mercedes. Het is het compromis dat je sluit voor een auto met dit karakter.
Het interieur van de Commodore is functioneel, maar het ademt de sfeer van een iets oudere generatie. Veel plastic, maar wel stevig in elkaar gezet. De knoppen en schakelaars zijn groot en duidelijk, wat ergonomisch sterk is. Je hoeft niet te zoeken naar de bediening van de airco of het volume; alles ligt voor de hand. Het is geen interieur dat je zal verrassen met luxe materialen, maar het is wel een plek waar je je snel thuis voelt.
Een opvallend detail is de enorme ruimte voorin. De middenconsole is breed en er is voldoende opbergruimte. De stoelen zijn, zoals gezegd, groot en bieden veel ruimte voor mensen met een groter postuur. Het infotainmentsysteem is gedateerd vergeleken met moderne systemen, maar het werkt. Voor een auto uit 2015-2017 is het niveau acceptabel, maar verwacht geen geavanceerde functies of een haarscherp scherm.
Met een kofferruimte van 496 liter doet de Commodore het beter dan 63% van de concurrentie, maar voor een break is dat niet bijzonder. Duitse rivalen bieden vaak meer volume. De laaddrempel is waarschijnlijk redelijk hoog, gezien de 1.473 mm hoogte van de auto. Het is geen auto die je gemakkelijk met zware spullen laadt, maar voor dagelijkse boodschappen of een vakantie met het gezin is het voldoende.
De achterbank biedt veel beenruimte, zoals je mag verwachten van een auto van dit formaat. Instappen is gemakkelijk door de grote portieren. Het zicht rondom is goed, maar de lange motorkap en de dikke C-stijlen vragen om gewenning bij het parkeren. Parkeersensoren zijn waarschijnlijk aanwezig, maar een camera was in deze periode geen standaard. In de stad is de auto met zijn 4.920 mm lengte een behoorlijke uitdaging.
De technologie aan boord is duidelijk van een vorige generatie. Het infotainmentsysteem is traag en de graphics zijn verouderd. Er is geen Apple CarPlay of Android Auto, wat in 2015-2017 langzaamaan gemeengoed werd. De rijassistentiesystemen zijn beperkt tot de basis: cruise control, ABS en stabiliteitscontrole. Moderne systemen zoals adaptieve cruise control of rijstrookassistentie ontbreken.
Wat wel interessant is, is de techniek onder de huid. De achterwielaandrijving en de ophanging zijn afkomstig van een platform dat gedeeld werd met andere General Motors-modellen. Dit betekent dat er een grote aftermarket is voor onderdelen en tuning, maar het betekent ook dat de auto niet vol zit met de nieuwste elektronische snufjes. Voor de liefhebber is dat juist een voordeel: minder om kapot te gaan.
Hier komt de realiteit hard binnen. Het officiële verbruik van de V8 is 14,7 l/100 km, wat beter is dan slechts 3% van de vergelijkbare auto's uit die periode. Dat is niet zuinig; dat is ronduit dorstig. In de praktijk zul je waarschijnlijk nog hoger uitkomen, vooral als je het vermogen benut. De CO2-uitstoot is eveneens hoog, wat betekent dat je in veel landen veel belasting betaalt.
De prijs van de auto zelf is misschien aantrekkelijk, maar de totale eigendomskosten zijn dat niet. Naast de brandstofrekening moet je rekening houden met hogere onderhoudskosten voor een V8 en het feit dat Holden-onderdelen in Europa schaars zijn. De betrouwbaarheid is over het algemeen redelijk, maar als er iets kapot gaat, kan het even duren voordat je het onderdeel hebt. Dit is geen auto voor iemand met een krap budget.
Alleen als...
Ik zou hem alleen kopen als ik een ruime werkplaats en een tweede auto voor dagelijks gebruik had. De V8 is geweldig, maar 14,7 l/100 km is een dagelijkse straf. Bovendien is Holden in Europa nooit officieel geleverd, dus onderdelen en kennis zijn schaars. Als je toch gaat, neem dan de handgeschakelde 6MT-versie voor maximaal rijplezier. Een alternatief met vergelijkbare praktische bruikbaarheid maar minder dorst? Een moderne BMW 5-serie Touring met een zescilinder is een stuk verfijnder, maar mist de rauwe Australische persoonlijkheid.
Gemiddelde van alle uitvoeringen van de Holden Commodore Wagon, vergeleken met 7.776 uitvoeringen van andere auto's uit de periode 2012–2018.
| Kenmerk | Dit model | Gemiddelde | Positie |
|---|---|---|---|
| Vermogen | 316 pk | 214 pk |
beter dan 82%
|
| Koppel | 408 Nm | 345 Nm |
beter dan 76%
|
| Topsnelheid | 248 km/u | 215 km/u |
beter dan 79%
|
| Acceleratie 0–100 km/u | 6,1 s | 8,7 s |
beter dan 79%
|
| Verbruik gecombineerd | 13,1 l/100 km | 6,6 l/100 km |
beter dan 3%
|
| Kofferruimte | 496 l | 478 l |
beter dan 63%
|
| Leeggewicht | 1.710 kg | 1.580 kg |
beter dan 28%
|
Percentages tonen het aandeel uitvoeringen uit dezelfde periode waar dit model op dat kenmerk boven uitkomt. Fabrieksopgaven.
Niet opgegeven door de fabrikant: co2-uitstoot. Die kenmerken staan daarom niet in de vergelijking.
Deze review gaat over de hele Holden Commodore Wagon-reeks. De cijfers hierboven komen van de 6.2L V8 6AT RWD (413 HP), maar het oordeel geldt voor elke uitvoering hieronder.