Het interieur van de 991 is een grote stap vooruit ten opzichte van de 997. De materialen zijn hoogwaardig: zacht leer, aluminium accenten en een strak afgewerkte middenconsole. De vijf tellers zijn duidelijk afleesbaar, en de centrale toerenteller is een kunstwerk. Toch is het geheel wat sober – wie een feestje op het dashboard verwacht, moet bij een Mercedes of Audi zijn.
De ergonomie is over het algemeen goed, maar het infotainmentsysteem met zijn vele knoppen op de middenconsole kan overweldigen. Het PCM-systeem uit die tijd is niet het snelste, en de menu-structuur is wennen. Fysieke knoppen voor klimaatregeling en audio zijn er gelukkig nog – een zegen in een tijd waarin alles op schermen verdwijnt. Opbergruimte is beperkt: er is een klein vakje in de middenconsole en de deurvakken zijn smal.
De afwerking is typisch Porsche: alles zit strak in elkaar, geen kraakjes, geen losse panelen. De stoelen zijn elektrisch verstelbaar en bieden veel comfort. Het stuurwiel is dik en voelt prettig aan, met paddles achter het stuur voor de PDK – die werken intuïtief. Het interieur ademt kwaliteit, maar ook een zekere terughoudendheid die bij het merk past.