De 2.0-liter viercilinder met turbo en supercharger, gecombineerd met een elektromotor, levert 405 pk en 670 Nm. Dat zijn cijfers die beter zijn dan 89% respectievelijk 93% van de concurrentie. De sprint naar 100 km/u duurt 5,4 seconden, waarmee hij sneller is dan 80% van zijn klasgenoten. Maar het is geen rauwe explosie; het voelt meer als een krachtige duw in de rug die netjes wordt gecontroleerd.
De achttrapsautomaat schakelt vloeiend, maar soms wat bedachtzaam. In de sportstand wordt hij alerter, maar dan hoor je ook de viercilinder harder werken. Het geluid is niet bijzonder; het klinkt als een goed afgestelde viercilinder, niet als een V8. De topsnelheid van 230 km/u is voor een SUV meer dan genoeg, al is hij daarmee 'slechts' beter dan 64% van de concurrentie. Als hybride is hij vooral indrukwekkend in het verbruik: 2,0 l/100 km gecombineerd, beter dan 99% van zijn rivalen. Dat is natuurlijk een officieel cijfer, maar het zegt wel iets over de efficiëntie van het systeem.