Er is maar één motor: de 2.0-liter SkyActiv-G met 150 pk. Dat klinkt als een beperking, maar in dit segment is het eigenlijk een zegen. Mazda heeft nooit de turbo-economie omarmd en blijft zweren bij atmosferische motoren. Dat betekent een lineaire vermogensopbouw, een mooie klank en een gasrespons die je bij veel concurrenten vergeefs zoekt. De handgeschakelde zesversnellingsbak is een pareltje: kort, precies en met een prettige weerstand. Schakelen is een plezier, geen karwei.
Met een 0-100-tijd van 9,0 seconden is de CX-3 geen sportwagen, maar hij voelt sneller aan dan het cijfer suggereert. De motor moet wel hoog in toeren worden gedraaid om er het maximale uit te halen, en dan wordt het verbruik minder fraai. Het is een motor die je beloont als je hem uitdaagt, maar die ook prima rustig mee kan. Wie een automaat wil, moet elders kijken — Mazda biedt die wel, maar dan moet je het doen met minder overbrengingen en een flink hogere prijs. De handbak is de beste keuze voor wie van rijden houdt.